Over een week begint Vlaanderens enige en grootste genrefilmfestival. Al is ‘grootste’ misschien wat misleidend. Razor Reel heeft, ondanks elk jaar een uitstekende programmatie (denk maar aan Safety Not Guaranteed, Blue Ruin, Big Bad Wolves, The Battery, Alleluia, It Follows, WolfCop, Der Samurai, Dead Snow 2, HouseBound, What We Do in the Shadows, Moebius, We Are Still Here, Landmine Goes Click, Road Games en Deathgasm), vorig jaar te maken gekregen met enkele schaalveranderingen, waaronder een inkrimping van tien naar zes dagen en een heroriëntering naar één zaal i.p.v. twee. Ook qua publiek is het nooit echt druk: de gezellige en ruime zaal in de Cine Liberty in hartje Brugge geraakt zelden helemaal (of zelfs maar voor de helft) gevuld.

Behorende tot de European Fantastic Film Festivals Federation houdt het gepassioneerde Razor Reel team een waardevolle subcultuur in leven die zonder hard werk, volharding en liefde voor het medium nooit zou blijven bestaan. Dat publieksaantallen wat uit blijven ligt dan ook niet aan de programmatie of de drive van (het team achter) Razor Reel, maar eerder aan de locatie. In tegenstelling tot Gent of Brussel, ligt Brugge nog net dat tikkeltje meer afgelegen van de rest van Vlaanderen – pendelen naar daar is duur en de laatste treinen uit Brugge vertrekken al vroeg. In tegenstelling tot Oostende, gaat Razor Reel niet aankloppen bij Kinepolis om te faciliteren en blijven ze gebruik maken van de fantastische stadscinema Liberty – een vertoningsplek die niet zo prijszettend functioneert als de Kinepolis Group: je betaalt €5.25 voor een ticket (dat is VIJF EURO VIJFENTWINTIG: komt het binnen?).

Razor Reel is daarom ook één van Vlaanderens meest authentieke filmfestivals. Het wordt georganiseerd door en voor genreliefhebbers, ver weg van uiterlijke schijn en luie cashflow. Er zal niemand rijk van worden, noch moeten we de kleinschaligheid romantiseren, maar wie enkele van dit jaars meest excentrieke en bizarre films wil zien, is maar op één adres thuis: Cine Liberty tussen 10 en 15 november, en daar mogen ze verdomd trots op zijn. Geen elitaire B2B toestanden, geen suits die zichzelf voor een appel en een ei cultureel komen verrijken op de kap van harde werkers, geen mediageil circus – wel een sociale vibe, hier en daar wat awkward nerdyness, een authentiek kader, een team dat altijd klaar staat voor een babbel en een programma dat chills, thrills en laughs garandeert!


the-master-cleanse
01. THE MASTER CLEANSE

De openingsfilm van Razor Reel dit jaar is het debuut van Bobby Miller. De film ging in première op SXSW Film Festival in maart en oogstte sindsdien op verschillende filmfestivals bijval in de gespecialiseerde online pers (Starburst Magazine, Bloody Disgusting, Horror Cult Films, Screen Anarchy, Film School Rejects,…). The Master Cleanse is een body horror komedie die zowel genrebending als absurd is. In de hoofdrol zien we Johnny Galecki (The Big Bang Theory) die zich, na een zware periode in zijn leven, wil herpakken en op een soort georganiseerde retraite gaat. Daar komen allerlei emoties los, maar niet enkel verbaal en mentaal. Er lijkt zich ook iets te manifesteren in meer organische vorm. Enter de body horror. Waar dit allemaal heen gaat, is onduidelijk. Dat het krankzinnig wordt, staat echter buiten kijf.

the-devils-candy
02. THE DEVIL’S CANDY

Ondertussen al meer dan een jaar geleden in première gegaan in Toronto, eindelijk in België te zien! Sean Byrne (The Loved Ones) zijn tweede langspeler tackelt een traditioneel horror thema: iemand geraakt bezeten na de intrek in een oud huis. Deze keer bevindt dat huis zich in één van de vele rurale gebieden die Texas rijk is en is de bezetene een jonge vader-kunstenaar. Liefhebbers van obscure, donkere kunst – met name Stephen Kasner – en heftige soundtracks van Sunn O))) tot Metallica en Slayer, kunnen gerust zijn: The Devil’s Candy is niet de zoveelste haunted house flick. Al zal deze crowdpleaser vermoedelijk eerder de genre-clichés van een Rob Zombie film omhelzen dan de inventiviteit van Byrnes eerste film, maar daar is niets mis mee uiteraard.

slash
03. SLASH

This is where the nerds come in. Films die (real life) rpg’s, cosplay en comic cons betreffen, zijn de voorbije jaren hier en daar aan de oppervlakte gekomen. Meestal met wisselend succes. Dat is een jammere zaak, want deze subcultuur blijft immer groeien en hoort geïnformeerde bijval te krijgen die verder gaat dan de Marvel en DC hysterie. Het schrijven en tekenen van stripverhalen en -figuren, de rijke verbeelding die game masters tot ongeziene creativiteit brengt, de talloze devianties inzake seksuele voorkeuren en sociaal gedrag,… Slash probeert andermaal een beeld te scheppen van deze wereld, met liefde en zonder vooroordelen. In deze film staat de 15-jarige Neil centraal wiens comics een combinatie zijn van porno en sci-fi. Dat levert hem problemen op op school en thuis, maar ook een vriendschap met geestesgenoot Julia. Zo komt hij langzaam terecht in de wereld van de fan fiction.

teenage-cocktail
04. TEENAGE COCKTAIL

Coming of age‘ is zo’n beetje het centrale thema doorheen de genrefilms op dit jaars Razor Reel. Zo ook bij Teenage Cocktail. De meisjes Annie en Jules zitten in een seksueel experimentele fase – eerder queer dan holebi of hetero – en zijn het burgerlijke, onder-de-kerktoren leven beu. Ze plannen om weg te vluchten bij hun ouders, maar tal van impulsieve beslissingen leiden tot ongewenste uitkomsten. De film werd onthaald als een gevoelig en hedendaags portret van de leefwereld van tieners, inclusief synthpop soundtrack. Afgaande op wat ik las en zag, zou ik durven spreken van La vie d’Adèle meets Spring Breakers – al zal het afwachten worden of deze referenties terecht zijn. Teenage Cocktail is in alle geval, net als Amok en Closet Monster, een film die de rigoureuze (en daardoor conservatieve) visie op genrefestivals ondermijnt; indien de film in de prijzen valt, zal een screening in KASKcinema, Cinema Zed of Budascoop (hopelijk) volgen.

the-barn
05. THE BARN

Op een genrefestival moet je soms ook gewoon échte genrefilms tonen. Films die niet vies zijn van een heuse portie knipogen naar de genrefilms van weleer en met het nodige gevoel voor ironie gemaakt zijn. Dat ironie, of post-ironie (ik ben niet helemaal meer mee wat nu juist wat is; ‘t is me allemaal wat te meta en louter conceptueel geworden), vandaag een hip dingetje is, zal genrefans een worst wezen. Ironie is al, minstens sinds de jaren 1980, een belangrijk ingrediënt van genrefilms – vermoedelijk ontstaan als antwoord op de deconstructie van “het genre” als stijlgegeven. The Barn is zo’n genrefilm, vormgegeven als 1980s retro slasher. Een groepje tieners functioneert als slachtvee op Halloween: dat is de premisse. Geen serieuze poging iets nieuws te brengen dus, wel een manier om voor een nieuwe generatie liefhebbers een hedendaagse film te brengen met het voordeel van de terugblik. Wie nog niet helemaal begrijpt wat ik bedoel, verwijs ik door naar de trailer.

the-alchemist-cookbook
06. THE ALCHEMIST COOKBOOK

Na Joel Potrykus’ vorige film, Buzzard, kunnen we gerust stellen dat The Alchemist Cookbook geen toevallige referentie is aan The Anarchist Cookbook. Potrykus stak Buzzard vol met lifestyle anarchistische puns, handelingen en dialogen. In The Alchemist Cookbook kunnen we vermoedelijk meer van hetzelfde verwachten, maar in plaats van een uitgebluste kantoorbediende krijgen we deze keer een echte dropout te zien. Sean, gespeeld door Ty Hickson (Gimme the Loot), trekt zich terug in een bos en gaat aan de hand van “The Alchemist Cookbook” aan de slag om een rijk en vol leven te creëren – dat hij hiervoor zijn mentale gezondheid moet opgeven en Satan himself om de hoek komt kijken, vormen geen probleem. De film werd omschreven als een karakterstudie met bijtende humor, wat eveneens in het verlengde ligt van Buzzard. Potrykus is alvast één van de meest eigenzinnige Amerikaanse regisseurs op dit moment. Niet te missen.

pet
07. PET

Een nagelbijter van formaat is deze psychologische thriller van Carles Torrens. Seth (Dominic Monaghan) werkt in een dierenasiel en lijkt een wat vreemde snuiter te zijn. Wanneer hij een oude vlam tegen het lijf loopt, geraakt hij helemaal geobsedeerd. Die obsessie leidt ertoe dat hij haar kidnapt, opsluit in een kooi en behandelt zoals de dieren in het asiel. Alleen lijkt zijn oude vlam niet van de simpelste te zijn en start ze een spelletje psychologische oorlogsvoering dat de kijker tot op het einde aan het scherm gekluisterd houdt. Een wat toegankelijkere prent die zeker het brede publiek van thrillerfans zal behagen!



i-am-not-a-serial-killer
08. I AM NOT A SERIAL KILLER

Deze naturalistische thriller verkent via een karakterstudie van de jonge John de geest van een seriemoordenaar. Als puber een sterke fascinatie hebben voor de dood, wordt doorgaans niet als normaal beschouwd. John laat dat echter niet aan zijn hart komen en kan zijn fascinatie blijven botvieren in het mortuarium van zijn moeder. Wanneer de ene na de andere dode valt en deze duidelijk niet op natuurlijke wijze stierven, gaat hij op onderzoek uit en komt hij op het spoor van de seriemoordenaar. Al lijkt het ook voor John soms moeilijk om zijn fascinatie voor de dood onder controle te houden… Johns tegenspeler is niemand minder dan veteraan Christopher Lloyd (Back to the Future) die schittert als de vreemde buurman. Een onconventionele en inventieve thriller die een plaatsje probeert te zoeken in de leegte die Dexter achter liet.

der-bunker
09. DER BUNKER

Hoewel de meeste films op Razor Reel dit jaar Engelstalig zijn (19 van de 27), zijn er toch een handjevol niet-Engelstalige films die de aandacht verdienen. Zo zijn er het Zweedse Origin, het Macedonische Amok, het Tsjechische The Noonday Witch, het Zuid-Koreaanse Train to Busan, het Taiwanese The Tenants Downstairs, het Japanse Terra Formars en de twee Duitse films Sibylle en Der Bunker. Dat de Duits(talig)e cinema aan een heuse revival bezig is, zeiden we hier al vele malen. Der Bunker is daar nog maar eens een voorbeeld van. Deze genrefilm brengt een excentrieke familie aan het licht in wier kelder een student afzondering zoekt om te werken. Wanneer de ouders vragen aan de student om hun zoontje bijscholing te geven, lijkt dat het begin te zijn van een bizarre en claustrofobische rit. Wie de film op groot scherm wil zien alvorens hij op dvd verschijnt (op 15/11): dit is je kans!

rupture
10. RUPTURE

Cultregisseur Steven Shainberg brengt met Rupture zijn vierde langspeler sinds 1996 uit. We zien Noomi Rapace en Peter Stormare in een sfeervolle, stilistische thriller over een soort sektarische organisatie die mensen ontvoeren. Wat ze juist doen met die mensen, lijkt allemaal wat ambigu te zijn, maar afgaande op de trailer draait het om confrontatie met je diepste angsten. Spinnen, slangen en klein ongedierte hebben al lang niet meer zo’n akelig effect gehad als in Rupture. Door de neonlichten en minimalistische, doch futuristische setting, zou dit wel eens een onverwachte hoogvlieger kunnen worden. Om benieuwd naar te zijn!




Wie naast bovenstaande films nog op zoek is naar meer kwalitatief entertainment, kan alvast ook terecht bij de hernemingen van Closet Monster (Pinx) en Train to Busan (FFG, KASK) – die door bovengetekende allebei reeds gezien en goedgekeurd werden. Ook The Survivalist (BIFFF) werd eerder dit jaar op lovende woorden onthaald. Daarnaast wekken ook de indie-vampieren-horror The Transfiguration, het brutale K-Shop, de maffe b-flick Peelers, het atmosferische Sibylle en de atypische ‘coming of age’ crime-thriller Amok onze interesse. Binnenkort volgt bovendien nog een wedstrijd met vijf duotickets voor The Tenants Downstairs!