mirror-cover

3,5-ster

Regie: David Cronenberg | Met: Julianne Moore, Robert Pattinson, John Cusack, Mia Wasikowska | Genre: Drama | Land: VS – Canada | Duur: 111 min | Releasedatum 30 juli, 2014

“How am I? When I get in touch with myself, I’ll let you know” – Hollywoodfiguur, MAPS TO THE STARS

Regisseur David Cronenberg gooit met stenen naar alles wat beweegt in Tinseltown in zijn nieuwste langspeler Maps To The Stars, een vreemde en verontrustende zwarte komedie over de waanzin van de mainstream filmindustrie. Hoewel hij niet de eerste is die Hollywood op de korrel neemt, gaat hij verder dan de gebruikelijke satire. Cronenberg speelt het snoeihard en beeldt het wereldje af als een incestueuze en zedeloze plek waar je als “normale” mens met een grote boog omheen hoort te stappen.

De film opent bij Agatha (Mia Wasikowska), een jong meisje met zichtbare littekens, afkomstig van brandwonden, dat net haar intrede maakt in LA. Ze zegt dat ze van Jupiter afkomstig is, maar eigenlijk bedoelt ze Florida, al heeft haar bizarre presence een buitenaards kantje. Agatha is gelinkt, zo blijkt, aan Benjie (Evan Bird), een 13-jarige kindster die met zijn “Bad Babysitter”-franchise de harten van Amerika heeft veroverd. In realiteit is hij een Bieber-achtig rotjong dat je aanvankelijk door het scherm wilt sleuren om een paar klappen te verkopen. In vergelijking met Havana Segrand (Julianne Moore) is hij echter behoorlijk onschuldig. Havana is een onuitstaanbare, ziekelijk egoïstische en kinderachtige actrice wiens carrière in een fase zit waarin haar ouderdom parten speelt. Ze solliciteert hopeloos voor de rol die haar moeder, een bekend Hollywood icoon die op jonge leeftijd omkwam bij een brand, ooit vertolkte in een remake. Havana is een klant van Benjie’s vader (John Cusack), een gevoelloze massagetherapeut. Bovendien heeft zij zopas Agatha in dienst genomen als haar nieuwe assistente. Oh, en Robert Pattinson heeft ook een aandeel in het verhaal, al is niet meteen duidelijk wat.

De connectie tussen de personages gaat uiteraard verder dan oorspronkelijk lijkt en neemt zelfs een behoorlijk duistere wending, en Cronenberg neemt zijn tijd om te tonen hoe de vork in de steel zit. Van een plot is er eigenlijk geen sprake, althans niet in de traditionele betekenis van het woord. Hoe iedereen aan mekaar gelinkt is en hoe dat mogelijk verklaart waarom elk personage zo verdomd geschift is, is voor Cronenberg van ondergeschikt belang. De dialogen, referenties naar bestaande Hollywoodfiguren en dergelijke krijgen zijn onvoorwaardelijke aandacht. Die beslissing haalt het evenwicht wat weg, waardoor je je als kijker soms afvraagt waar dit alles naartoe gaat. Aan waanzin geen gebrek in deze film, en bij momenten doorkruisen we bijzonder gevoelig gebied. De humoristische ondertonen moeten de gemoederen echter kunnen bedaren, al zal niet iedereen luidop lachen.

Het acteerwerk, vooral van Moore, Wasikowska en nieuwkomer Bird, is van de bovenste plank en zorgt ervoor dat Maps To The Stars zelfs tijdens de mindere momenten (waaronder ook een ronduit slechte CGI rendering) genietbaar blijft. Regisseur Cronenberg is natuurlijk een meester in zijn vak en hij speelt het zoals steeds cool. Elke frame wordt op dezelfde, elegante manier uitgespeeld: gedeconnecteerd van de waanzin. Deze prent is voor Cronenberg in zekere zin een soort terugkeer naar het monstergenre dat hem met The Fly in 1986 onsterfelijk maakte, want nagenoeg iedereen in Maps To The Stars is een verachtelijk wezen, zij het gekleed in peperdure outfits.

Cronenbergs vorige film, Cosmopolis, zette de financiële wereld van Wall Street te kakken en deze keer krijgt Los Angeles de volle lading. Een vergelijking met Mulholland Drive, van zijn naamgenoot David Lynch, kan gerust gemaakt worden. Beiden hebben een wanhopig karakter en dragen een flinke portie mysterie met zich mee. Als ervaring zijn het echter twee verschillende beestjes en Mulholland Drive steekt er op elk vlak nog steeds met kop en schouders bovenuit.

Laten we eerlijk zijn, een makkelijker doelwit als Hollywood vind je niet. Cronenbergs groteske film – naar een script van LA insider Bruce Wagner – blijft overeind door de wonderlijk vreemde toon. Er hangt een surrealistisch sfeertje in de lucht, en een tweede kijkbeurt zal in de toekomst allicht meer details blootleggen. Wat vast staat is dat deze prent, ondanks de tekortkomingen, een giftige beet heeft die nog even zal najeuken.