Regie: Oliver Stone / Met: Colin Farrell, Anthony Hopkins, Angelina Jolie, Jared Leto,Val Kilmer, Rosaria Dawson / Genre: Historisch Epos / Land: VS / Duur: 214 min. /

“I never believed in his dream. None of us did. That’s the truth of his life. The dreamers exhaust us. They must die before they kill us with their blasted dreams.” – Ptolemy,  ALEXANDER

“Fortune Favours the Bold”, zo schreef Romeins dichter Vergilius. Oliver Stone kent duidelijk zijn klassiekers, want als één regisseur deze beroemde zegswijze consequent toepast in zijn werk, is het hem wel. Voor de cinefielen onder ons behoeft de man dan ook weinig uitleg. In zijn carrière stelde hij zonder schroom enkele van de meest pijnlijke trauma’s en verontrustende trends uit de Amerikaanse geschiedenis aan de kaak: de vuile, brutale realiteit van de oorlog in Vietnam (PLATOON, 1986), de haast ontoombare hebzucht van Wall Street tijdens de jaren ‘80 (WALL STREET, 1987), de diverse complot theorieën die rond de moord op president Kennedy circuleren (JFK ,1991), de rol van media en geweld in de moderne samenleving (NATURAL BORN KILLERS ,1994), zijn de meest bekende voorbeelden. Met veel vernuft wist hij deze loodzware, hoogst controversiële thema’s moeiteloos om te zetten in commercieel succesvolle, en door critici gelauwerde werken.

Dit maakte van de man zoals verwacht zowel een van de meest interessante, geprezen, maar ook door diverse groeperingen meest verguisde hedendaagse filmmakers. Een moderne meester zonder weerga. Na NIXON (1995) leek Stone’s ster jammer genoeg wat tanende. Zijn gloriejaren lagen achter hem, en zijn recente output wist het publiek én critici niet meer bij het nekvel te grijpen zoals voordien. Het ontbrak zijn films aan zijn idiosyncratische, uitgekiende combinatie van sociale kritiek, bruisende vitaliteit en onmiskenbare viscerale punch in the gut waar de filmmaker jarenlang om bekend stond.

Toen Stone, gesterkt door het gigantisch succes van Ridley Scott’s historisch epos GLADIATOR (2000), kans zag om zijn droomproject – een biopic gebaseerd op de legendarische Macedonische krijgsheer Alexander de Grote – eindelijk te realiseren, greep hij die dan ook met beide handen aan. Naast de initiële twijfel of dit onderwerp niet te hoog gegrepen was, leek het een haast ideale paring van onderwerp en filmmaker. Het project zou namelijk vele thema’s, obsessies, en preoccupaties samenbrengen waar de regisseur een groot deel van zijn carrière aan had gewijd: zijn passie voor geschiedenis, interesse in menselijke ambitie/hoogwaan (vaak resulterend in de onvermijdelijke val), de psychologische aftakeling dat oorlogsvoering met zich meebrengt, dezen zouden allen samensmelten in wat mogelijk zijn magnum opus zou kunnen zijn.

alex-1

Het draaide zoals bekend jammer genoeg anders uit. Hoewel de film nog relatief goed presteerde in de internationale box-office, werd hij ongenadig neergesabeld door enkele van de meest prominente Engelse en Amerikaanse filmcritici. Het verdict was haast unaniem: een ambitieuze onderneming, dat zeker en vast, maar een dat haast niet anders kon dan te zwichten onder de druk van haar eigen gewicht. ALEXANDER leek dan ook gedoemd om op die manier herinnerd te worden in de annalen van de filmgeschiedenis, als een gefaald project. Stone trachtte achteraf nog om zijn probleemkind enigszins nieuw leven in te blazen met het uitbrengen van een director’s cut op dvd, maar die deed weinig stof opwaaien. Een gedesillusioneerde, gefrustreerde Stone moest vrede nemen met het feit dat zijn film wellicht nooit meer gered zou kunnen worden.

Een paar jaar gingen voorbij eer er geruchten opdoken dat Stone opnieuw toestemming had gekregen van de studio om aan een nieuwe ongecensureerde cut te beginnen: ALEXANDER REVISITED – THE FINAL CUT (2007). Deze zou (geholpen door maar liefst 40 minuten extra materiaal) de structuur van het verhaal dramatisch wijzigen, meer inzichten geven in Alexanders complexe persoonlijkheid (zo werd in de bioscoopversie op aandrang van de studio het homofiele aspect van het personage volledig genegeerd), en meer historische context verschaffen. Met andere woorden een versie die Alexanders verhaal recht aan zou doen, en de originele visie van Stone zou vertalen naar het zilveren scherm. Maar dragen deze wijzigingen bij aan de film?

Het korte antwoord is een volmondig ‘jawel’. De film krijgt nu de ademruimte die het broodnodig had (er wordt zelfs halfweg een klassiek aandoende intermissie ingelast), personages en relaties zijn beter uitgewerkt, en de gewijzigde narratieve structuur maakt het verhaal meer coherent. Maakt dit van de film nu een van de betere moderne epics, die je zonder gêne in het gezelschap van GLADIATOR en KINGDOM OF HEAVEN (DIRECTOR’S CUT) kan plaatsen? Neen, daar slaagt hij juist niet in. Bij momenten zijn er wel degelijk glimpen op te vangen van een potentieel uitstekende film, maar – ironisch genoeg – is het juist het onderwerp van Alexander zelf dat hier het struikelblok vormt.

Oliver Stone kon – zelfs met al het geld en het talent in de wereld- deze strijd namelijk nooit winnen. Want hoe geef je als filmmaker overtuigend gestalte aan zulk een mythisch figuur , zijn haast goddelijke verwezenlijkingen, en hoe giet je dit in een overzichtelijk geheel? Het is gewoonweg een conceptuele nachtmerrie om te verwezenlijken in het filmmedium (laat staan in slechts één film)  en het is bijgevolg dan ook niet helemaal eerlijk om dit te eisen. Het vooruitzicht om een allesomvattende, bevredigende film te produceren over deze legendarische veldheer zou iedere filmmaker met recht de daver op het lijf jagen.

ALEXANDER is dan ook een klassiek geval van de echte figuur die elke portrettering ervan overschaduwt. De figuur van Alexander de Grote tart al millennia lang alle verbeelding, heeft al zoveel interpretaties gekend, waardoor wat er op het scherm geprojecteerd wordt haast nooit aan de verwachtingen kan beantwoorden. Hij is met andere woorden ongrijpbaar, haast niet vatbaar voor vertaling in fictie. Degene die hem moet vertolken, zit per definitie al in een losing battle.

alex-2

Colin Farrell moet dan ook op zijn minst geprezen worden voor de lef die het vereist om deze complexe, hoogst geconflicteerde figuur neer te durven zetten. Hoewel hij mogelijk niet de juiste man was voor de rol (het ontbreekt hem daarvoor aan de nodige charisma) weet hij bij enkele scènes toch puike, soms zelfs geïnspireerde prestaties neer te zetten. Het is een meer dan verdienstelijke poging, en Farrell verdient dan ook niet de vitriool waar hij destijds mee werd bestookt. Over de andere acteerprestaties kan zeker geargumenteerd worden dat er daar zich enkele flagrante missers tussen bevinden. In die categorie vallen vooral Angelina Jolie en -in iets mindere mate- Val Kilmer op, die toegegeven volledig miscast zijn als Alexanders ouders. Gelukkig blijven deze rollen nog relatief beperkt, en hinderen de film op zich niet te zeer.

Voor meesterlijk acteerwerk ben je bij ALEXANDER dan ook niet op de juiste plaats. Waar de film ontegensprekelijk wel in uitblinkt, is de schaal van het hele gebeuren, de magistrale muziek van Vangelis, de historische details, de energie die van het scherm spat. Het draait met andere woorden meer om de reis dan de eigenlijke bestemming. De film bevat een weelde aan elementen die hoogst genietbaar zijn, ook al vormen die samen niet meteen een bevredigend geheel.

Net zoals de echte Alexander zijn droom van een gigantisch, verschillende generaties beslaand rijk – opgemaakt uit talloze volkeren en culturen die vreedzaam co-existeren – nooit heeft waargemaakt, zo stond Stone ook hier voor een quasi onmogelijke taak, en faalde dan ook. Maar hij nam wel degelijk de sprong, en deed een zeer nobele poging om de Macedoniër zijn eerbetoon te geven. Wat ALEXANDER dan ook meer dan wat dan ook onderscheidt van andere epossen, is vurige ambitie. De oprechte intentie om dit opmerkelijke verhaal onverbloemd te brengen, zonder enige terughoudenheid, en met alle inherente gebreken intact.

Ja Oliver, mijn goede vriend, sommigen zouden opperen dat dit wellicht jouw grootste, en zeker meer opmerkelijke faling was. Weinigen zouden dit durven te weerleggen. Maar laat ons even toevoegen dat je – in dit geval althans – weet te falen op de meest glorieuze wijze. Onbeschaamd, met volle overtuiging en vooral zonder spijt. Dat alle mislukte filmprojecten een voorbeeld mogen nemen aan de jouwe.

His failure towered over other men’s successes, indeed.

3,5-ster