mirror-cover

4,5-ster

Regie: Ulrich Seidl | Met: Maria Hofstätter, Christine Jirku, Viktor Hennemann | Genre: Drama | Land: Oostenrijk | Duur: 121 min

“People can be so cruel” – HUNDSTAGE

Velen mogen het langspeeldebuut van de Oostenrijkse documentairemaker Ulrich Seidl dan wel afstotelijk vinden, het is in essentie een misantropisch meesterwerkje dat destijds op het filmfestival van Venetië de juryprijs kreeg toegewezen. Hundstage is het episodisch verhaal van een groep inwoners uit de buitenwijken van Wenen, gedurende de warmste en ondraaglijkste zomerdagen; wanneer hitte en vermoeidheid het temperament van de bevolking op de proef stellen. De wreedheid van de miserabele mensheid komt in deze film op alle soorten manieren naar boven, wat soms grappige, maar meestal pijnlijke taferelen oplevert. Hundstage is geen voer voor escapisten en depressievelingen, maar avontuurlijke types die niet te snel aanstoot nemen, moeten dit provocatief en rauw stukje cinema een kans geven.

De inwoners van het desbetreffende stadje leven in steriele en symmetrische huizen, in een buitenwijk tussen autostrades en hypermarkten. Seidl en co-scenariste Veronika Franz presenteren zes deprimerende verhalen die mekaar min of meer kruisen en waarin eenzaamheid, teleurstelling en vervreemding centraal staan. De zes protagonisten zijn elk op zoek naar een betekenisvol bestaan, en lijken daar op hun eentje niet in te slagen. Steun zoeken bij de medemens blijkt echter een nog moeilijkere opdracht, en maakt situaties vaak erger dan ze al zijn.

We maken kennis met een jong koppeltje: Klaudia en Mario, de prototypes van het Johnny en Marina-fenomeen zoals we dat kennen uit de jaren 90. Ondanks haar uitdagende dansact in een discotheek is Klaudia een fragiel meisje op zoek naar liefdevolle affectie. Ook tuning-freak Mario is dat in zekere zin, maar zijn jaloerse woedeuitbarstingen eindigen met fysiek en psychisch misbruik.

De volgende in de rij is Mr. Hruby, een verkoper van alarmsystemen die van huis tot huis trekt om mensen te informeren over hun veiligheid. “Een hond is de beste vriend van de mens, maar niet omgekeerd,” zegt hij tegen een potentiële klant die beweert dat hij met zijn trouwe viervoeter het beste alarmsysteem al in huis heeft. Hruby’s routine wordt onderbroken wanneer hij belast wordt met de opdracht om een vandaal te klissen die auto’s beschadigd. Tijdens die klopjacht leidt zijn ongeduld tot een onmenselijke beslissing.

Een andere verhaallijn brengt ons bij “de Griek” en zijn vrouw. De twee zijn gescheiden sinds hun dochtertje werd doodgereden, maar delen nog steeds hetzelfde huis, zonder een woord uit te wisselen. Zij krijgt haar nieuwe minnaar – een masseur – over de vloer, terwijl haar man stil toekijkt en zich over een tennisbal ontfermt. Een onvermijdelijke confrontatie zorgt in de eerste fase voor hilariteit en nadien voor stekende hartpijn.

Nadien ontmoeten we de bejaarde Mr. Walter, een burenhatende weduwnaar en controlefreak die een oogje heeft op zijn kuisvrouw, gevolgd door de bizarre liefdesdriehoek van een schooljuffrouw van middelbare leeftijd, haar jongere aggressieve partner en diens vriend. Dit laatste is het meest gewelddadige en weerzinwekkende segment uit de film; wat in een bepaalde scène begint als een “gezellige” avond, eindigt bij vernedering en emotionele mishandeling.

Het personage dat tot slot enigszins de rode draad vormt doorheen het verhaal is Anna, een lifster die op straat of op winkelparkings rondhangt en een lift vraagt aan vreemden. Tijdens de ritten houdt de babbelzieke jongedame betekenisloze monologen, bestaande uit top 10-lijstjes van willekeurige onderwerpen. Regisseur Seidl laat de kijker beslissen of Anna écht gek is of aan een mentale handicap lijdt.

Ondanks de schrijnende toestand waarin deze figuren leven, zit Hundstage vol zwarte humor. Seidl wisselt de misselijkmakende momenten af met luchtigere scènes die de kijker toelaten om op adem te komen, al is het maar voor even. De film bevat een behoorlijk aantal expliciete naaktscènes, maar geen daarvan is ook maar een beetje opwindend; allen worden ze geassocieerd met vernedering, ouder worden of de banaliteit van het leven. Even aan de realiteit ontsnappen doe je met deze film niet. Zij die een ongemakkelijke kijkbeurt niet uit de weg gaan, worden aan het eind beloond met enkele brutale waarheden over het menselijk karakter. Neen, opbeurend werkt het allemaal niet.

Wat Hundstage zo fascinerend maakt is de mogelijkheid – de opdracht zelfs – om elk van de personages te doorgronden door hun daden en een onderliggend motief te vinden voor hun gedrag. In één van de laatste scènes zien we het gescheiden koppel heen en weer gaan op de schommel van hun overleden dochter tijdens een regenvlaag. Op zulke momenten komt Seidl’s ijskoude en afstandelijke filmstijl even tot stilstand en maakt de frustratie plaats voor voldoening, althans bij de kijker. Tot ze leren communiceren gaat de miserie van deze personages gewoon door.