mirror-cover

4-ster

Regie: Roman Polanski | Met: Catherine Deneuve, Ian Hendry, John Fraser | Genre: Psychologische thriller – Horror | Land: VK | Duur: 105 min

“I must get this crack mended” – Carole Ledoux, REPULSION

Bijna vijftig jaar na de release van Repulsion blijft Roman Polanski’s Engelstalige debuut een knappe en verontrustende horror-thriller; ééntje die sindsdien als inspiratie diende voor ontelbare soortgelijke films over claustrofobische hysterie. Anno 2014 speelt de superieure reputatie die de film er op nahoudt misschien wat in het nadeel, want hoe goed ie ook is, Repulsion is niet perfect. Desondanks verdient Polanski’s mini-meesterwerkje eeuwig respect, want het was destijds de eerste prent sinds George Franju’s Eyes Without A Face uit 1958 die het horrorgenre mixte met visuele art house flair. Bovendien hangt er geen gothic sfeertje rond deze film – zoals dat in die tijd wel vaak het geval was – maar speelt alles zich gewoon af in het Londen van de swingende sixties, wat deze nachtmerrie alleen maar beklijvender maakt.

Terwijl de Londenaren feesten op de achtergrond, focust Polanski zijn lens op Carole, een Belgische schoonheidsspecialiste op de rand van een zenuwinzinking (opmerkelijk vertolkt door de toen 21-jarige Catherine Deneuve), die net bij haar zus is ingetrokken. Die laatste houdt er een affaire met een getrouwde man op na, maar dat is duidelijk niet de reden waarom Carole geleidelijk de pedalen verliest. Wanneer ze het appartement voor zich alleen krijgt, terwijl zus en minnaar naar Italië afreizen, betekent dat het begin van een reeks angstaanjagende hallucinaties waardoor Carole haar greep op de realiteit volledig kwijt lijkt te raken.

Deze bloedmooie, jonge dame huivert bij de gedachte dat mannen zich aangetrokken voelen tot haar. Zelfs wanneer haar aanbidder Colin (John Fraser) – een nette man wiens oprechte liefde exact is wat ze nodig heeft – avances maakt, gruwelt ze. Haar toestand verergert dag na dag en haar angst voor seks maakt Carole op den duur paranoïde en zelfs agorafobisch. Door haar onvermogen om onderdrukte herinneringen – wat deze ook mogen blijken – een plaats te geven, brengt ze zichzelf in een nachtmerrie waarin wanden barsten, grijpende handen uit de muren verschijnen en een verkrachter onder de lakens zit te wachten.

Een slenterend tweede kwartier en Polanski’s kenmerkende, bedenkelijke kijk op de vrouwelijke psyche, maken dat Repulsion moet onderdoen tegen genreklassiekers als Hitchcock’s Psycho en een prent die Polanski enkele jaren later maakte: Rosemary’s Baby. Het neemt echter niet weg dat dit een knap uitgehouwd werkje is geworden dat bovenal vernieuwend was voor zijn tijd. Doorheen de film voel je de invloeden van meesters als Buñuel en Cocteau, maar Polanski weet zijn stempel wel door te drukken.

Ondertussen is het een kenmerk geworden van de regisseur: zijn gave om een claustrofobische ruimte om te toveren tot een emotioneel mijnenveld, maar in Repulsion demonstreert hij dat voor de eerste keer. De horror zit hem in de afdaling van het hoofd van Deneuve’s personage, en het resultaat levert nog steeds één van de betere psychologische thrillers aller tijden op. De tand des tijds mag hier en daar dan wel wat sporen nagelaten hebben, om de emotionele impact en de kwaliteiten op technisch vlak kan je niet heen. De laatste shot, waarin er dieper wordt ingegaan op een familiefoto, bezorgt de kijker tegelijk een gevoel van misselijkheid en catharsis, en kan misschien zelfs aanschouwd worden als de voorloper van Stanley Kubricks legendarische eindshot uit The Shining.

Zij die zich overigens aan een ware slasher-film verwachten zijn er aan voor de moeite. Dit is pure psycho-horror uit de begindagen van een grootmeester.